L’arte della cucina

De nicht van mijn vriend heeft een huis gekocht en wij zijn uitgenodigd om te komen eten.  We komen binnen en haar vriend heeft een koksvest aan met zijn naam er op, ik schiet in de lach. Dit is vast een grap; vrouwen koken hier toch meestal? Niets blijkt minder waar.

‘Je kon er wel iemand z’n kop mee inslaan, zo hard was die brownie die ik gisteren had meegenomen. Ik ga nooit meer dolci maken, ik kan dat gewoon niet.’ Nicht Elena vertelt over haar gebrek aan kookkunsten en doet ons geloven dat alles wat zij aanraakt spontaan oneetbaar wordt. Dat kan best, denk ik bij mezelf, sommige mensen zijn daar gewoon niet zo goed in. Stiekem ben ik wel blij met deze openbaring, want ik ben zelf ook niet bepaald ambitieus als het op koken aankomt.

L'antipasto

Een deel van de antipasto

De tafel staat vol met alles wat het woord antipasto eer aan doet: prosciutto crudo, salame, gorgonzola, mozzarella, pecorino, pomodorini, schiacciata, olive en crostini. Dat is altijd zo’n fregatura die antipasto. Al die gerechtjes vóór alle andere gerechten zijn zo verneukeratief omdat je binnen een mum van tijd bomvol zit. Een hapje van dit, een broodje met dat, een stukje met zus…en je kunt eigenlijk alweer naar huis. Ware het niet dat vriend Andrea alweer in de keuken in een pan stond te roeren met risotto ai funghi porcini. De avond was nog jong.

Elena vond het weer tijd om het over haar mislukte brownie te hebben. Ze vertelde in geuren en kleuren over hoe haar vrienden gisteravond net hadden gedaan alsof ze het lekker vonden. Vervolgens had de gastvrouw met net iets te veel nadruk gezegd: ‘neem de rest toch lekker mee naar huis, wij krijgen dat nooit op met z’n tweetjes.’ Dit betekent in het Italiaans: ‘het was zo ranzig dat ik zelfs mijn koelkast dit leed wil besparen.’ Of iets in die trant. Het was voor Elena in ieder geval duidelijk; taarten maken was niet haar specialiteit. Ik vertel uit sympathie dat ik ook niet zo’n keukenprinses ben en dat mijn kookboeken nog altijd onbevlekt in mijn kast staan. Ze vraagt me verbaasd: ‘wat eet je dan?’ Dat ik vooral simpele dingen uit pakjes maak, besluit ik voor me te houden. Ik zoek benauwd naar een acceptabel antwoord, maar ze heeft zelf het woord alweer genomen: ‘Waar maak ik me eigenlijk ook druk om, Andrea kookt toch altijd.’ Ik wil ook zo’n man.

Il primo wordt met een sierlijk gebaar op tafel getoverd. De geur van de paddenstoelen komt je tegemoet en die antipasto ligt in één keer een stuk minder zwaar op de maag. Een flink bord walmende risotto staat vervolgens voor mijn neus en ik begin aan dit smaakvolle gerecht. ‘Wil er iemand nog een schepje?’ ‘No, grazie, è buonissimo, ma no grazie.’ Ik heb onderhand wel geleerd wanneer je echt nee moet zeggen. Ik weet nog hoe ik zes jaar geleden onervaren bij een Italiaanse familie op zondag middag aan tafel zat. Overvol doch beleefd zei ik toen ja tegen nóg een bord pasta. Toen de vrouw il secondo aankondigde verslikte ik me in een tagliatelle die nog bovenin was blijven hangen. Dat nooit meer.

Il secondo verschijnt kant en klaar uit de oven en bestaat uit een flink stuk varkensvlees verpakt in bacon. Natuurlijk horen hier ook patate bij; stel je voor dat je nog trek had. Een flinke schep aardappelen voorkomt gegarandeerd dat gevoel van leegte. Ik probeer een zo’n klein mogelijk stukje te pakken te krijgen met het oog op il dolce. Deze is met voorbedachten rade gemaakt door mijn schoonzus en zij kan dus wél koken. Mijn weegschaal is hier een stille getuige van.

De torta al cioccolato is een waar genoegen en iedereen smikkelt er op los. Ondanks alle horror stories over il brownie is men toch benieuwd naar het uiteindelijke resultaat. Italianen kunnen heel goed toneelspelen en zijn niet vies van hier en daar een ietwat overdreven tintje aan het verhaal toe te voegen. Zo ook nu niet. De brownie was perfect. Elena was echter niet tevreden en bleef maar mankementen benoemen. Nu snap ik waarom: dit was één groot vissen-naar-complimenten spektakel en wij waren de vijver. Ik had het kunnen weten. Tuurlijk kunnen Italianen koken, duh. Nou ja, ik heb het excuus dat ik Nederlandse ben en daardoor misschien wat minder in de wieg gelegd ben voor l’arte della cucina. Ik kan er wel goed over schrijven. Dat dan weer wel.

4 gedachtes over “L’arte della cucina

  1. Ja dat kan je zeker, haha!!! En echt heel humoristisch, maar je hebt heerlijk gegeten begrijp ik :)!!!!
    Maar moet je ze nu niet een keer terug uitnodigen? En hoe ga je dat dan oplossen?
    Huur je een kok in :)!!! Jammer dat ik zo ver weg woon anders hielp ik je wel uit de brand!
    Ciao, ciao!

  2. Pingback: Een bijzondere ontmoeting, een bijzondere blog | Nieuws uit Italië | Ciao tutti - ontdekkingsblog door Italië

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s